Actief in Vlaanderen

Actief in Vlaanderen

Hommage aan Ludi van Bouwel

Een evocatie van de afscheidsviering op 14 oktober 2021 in het UPC Leuven. 

Verstrengeling in waanzin en ademnood.

Enkele impressies van een feestelijk inspirerend symposium online gevolgd.

Hoe moet dit voelen. ’s Morgens opstaan, na vele jaren dienst, alles hetzelfde doen.

Haar kammen, ontbijten, nog wat doen in huis hier en daar en dan de deur achter je sluiten zoals altijd. En toch, vandaag, de laatste, zo anders dan gewoon.

De laatste dag dat je als deel van een staf door de vertrouwde gangen waadt van het grote huis, een ziekenhuis, waar mensen, soms vertwijfeld, verdwaald in de vreemde regionen van hun geest, een houvast zoeken. 

Je beseft en leert al luisterend dat je dit houvast voor hen niet kan zijn maar toch zo goed als je kan, kan spiegelen.

Terwijl je zelf, eveneens de donkere oorden van de geest verkennend, op zoek bent naar een kompas om daarin de weg te vinden die je bij de ander brengt en de ander bij jou. Alsof je een brug overgaat die twee oevers verbindt. Telkens weer opnieuw, telkens weer anders. Zovelen jaren lang.

Het symposium brengt doorheen de diversiteit van bijdragen de vele bruggen in beeld die Ludi passeerde om nieuwe horizonten te verkennen. 

Op zoek naar perspectief. Een breder perspectief om naar psychose te kijken en ze steeds menselijker te benaderen. Met als gevolg een zich anders verhouden tot. Een zich lerend en ervarend openstellen voor.

Als je van muziek houdt, dan weet je dat muziek soms grenzen overschrijdt en bijeenbrengt wat uit elkaar lijkt te vallen, dat poëzie rijmt op wat zonder rijm geen woorden vindt en dat beweging en dans je in het ritme van de ander doet begeven. Ontdekkend, een voetstap in het donkere vertrouwend.

Muziek wordt bondgenoot bij het verkennen van niet eerder betreden gebieden van de menselijke geest in beroering.

Poëzie, dans en muziek worden een kompas op deze weg naar herkenning van wat soms versluierd wacht op gezien, gehoord en geacht te worden.

Woorden, tonen, bewegingen die ver buiten de grenzen van de gewone dagelijkse omgang reiken. 

Maar wat is gewoon in deze context van werelden die elkaar raken en raakpunten creëren die door niemand zijn bedacht maar uit het ongeziene ontstaan. 

Uit samen kwetsbaar kunnen zijn.

Ze worden voor Ludi van Bouwel ankerpunten, een innerlijk houvast, om werelden te verkennen die zich maar ontsluiten in gebieden waar vertrouwen kan gedijen en warm menselijke aanwezigheid de pijn verzacht van het onbereikbare.

Ritme, tonen, en beweging zijn dan ook in Kwadraat aanwezig op deze mooie zonnige herfstdag, waarop Ludi, een laatste keer nog, samen met Francoise door de gangen van haar vertrouwde unit flaneert en op persoonlijke directe wijze afscheid neemt. 

Niet van de mensen maar van de vorm. Want psychose als verschijnsel doorgronden is bij haar meer dan een onderdeel van een beroep, het wortelt in oprechte zorg voor de medemens in geestelijke nood.

Francoise Davoine

Op een ondeugende, pittige, levendige wijze geeft Francoise Davoine woorden aan hoe ontmoetingen zich tussen mensen op de meest onverwachte wijze voltrekken en hoe daarin zich een mysterie ontvouwt van wederzijdse menselijke herkenning en herinnering. Zij vertelt gepassioneerd over hoe de pandemie verpleegkundigen en zieken bijeenbrengt in de meest onverwachte omstandigheden die je in een unit kan bedenken. 

Over hoe ondanks pijn en wanhoop, de vreugde om het leven een bedding vindt in een dagboek waarin het verhaal van moment tot moment in woorden wordt gevat. 

Zodat de draad van het leven zich verder weeft.

Dit journaal wordt later aan de persoon die het overleeft of bij verlies van een dierbare aan de familie gegeven.  

Zo kan het verhaal van de persoon hoe dan ook deel van het leven blijven uitmaken.

Ze spreekt over anima, de adem van het leven, die alles weer tot leven wekt en leven regenereert.

Ze haalt er beelden bij, de verhalen van Moeder de Gans van Perrault, de dynamiek van oerbeelden uit de mythologie. De dans van de kraanvogels die in de lucht hele seminaries geven terwijl ze hun overtocht leven naar verre gebieden. En deel gaan uitmaken van overgangsriten zoals de carnavalsstoeten de overgang van winter naar lente markeren. 

Ze illustreert op beeldende wijze hoe sociologie en filologie samen met psychoanalyse een dans van het leven aangaan en inzichten en perspectieven openen die de relatie tussen wat geschiedt in het leven van mensen en trauma oplichtten. Ze gaat een deur binnen en neemt je mee naar ongekende gebieden die ontsluieren wat we dreigen te vergeten: elke mens heeft zijn verhaal en wat als Psychose of la Folie wordt aanzien bevat de geheimen van ongedeelde maar geleefde verhalen, die ertoe doen. Zo spinnend en wevend met woorden en beelden ontsluiert Francoise de dynamiek van een niet verdrongen bewustzijn, dat in het hier en nu, zich kan ontsluiten door wat eraan raakt, onverwachts, onvoorspelbaar, maar wel tastbaar en waarneembaar aanwezig. Het kan gebeuren middenin het dagelijks leven. Een onderbreking die een gebroken zijn oplicht, als een doorbraak, die de weg vrijmaakt voor. Ontmoeting en herkenning.

Hiermee ontrolt zich de rode loper voor de geïnspireerde bijdragen die volgen en die als het ware op bijna alchemistische wijze de essentie destilleren van wat Ludi zo dierbaar was en is in het werken met mensen.

Wat ze in haar hart koestert is gezien, geacht en wordt benoemd op deze mooie onvergetelijke dag, waarin de eros en de logos van een hele loopbaan creatief in kaart worden gebracht.

Jan van Camp volgt het spoor van Francoise. Hij tovert door woorden die zich als tonen tot een compositie verweven het innerlijk weefsel van breken en gebroken zijn om tot spiegels waarin herkenning zich voltrekt.

Hoe kan je door toon de ander bereiken, als al het andere faalt en niet toereikend lijkt. Een aanhoudende toon op de piano neemt het over, het klinkt als staal, ijzer, koper en het wordt goud als de viool in dialoog, zich met de toon verweeft en een compositie zich helend ontvouwt.

Het laat niemand onberoerd. Zo diep kan een proces gaan, zo diep kan een mens op zoek zijn naar de sprankels van wie hij is of kan worden. Zo nabij voelt soms wat onbereikbaar is.

Dan volgen de vele warme en authentieke getuigenissen.  

Een collega, Hella Demunter verwoordt met zorgzaam gekozen woorden haar waardering. De staf van het zorgteam van de afdeling voor psychose-zorg bij jongvolwassenen, Joris verklankt dank en vriendschap als koor. Zo hun koorleider bedankend voor de toonzetting gedurende jaren van vruchtbare samenwerking. Het vroege interventieteam met de zo krachtige naam VRINT huldigt zijn vroedvrouw in de woorden van Liesbeth De Coster en Leen Lambrechts, die de teamgeest in de dienst belichten.

Dit geesteskind wandelt de wereld in, verzekerd van een duurzame werking. 

Lucas Joos verwoordt als oud-assistent de warme omkadering en inspiratie die hij van Ludi van Bouwel als supervisor ontving die tot op de dag van vandaag vruchtbaar doorwerken. Hij raakt even aan gemeenschappelijk verlangen: het creëren van een warme thuisplek voor mensen in crisis: Soteria.

Er is zoveel dat ik in deze evocatie niet kan vatten, waarom zou ik ook, het is gedeeld, gezegd, gezaaid en vooral geleefd. Een spectrum aan warme herinneringen, waar je ook als toeschouwer deel van wordt.

Als dank van haar collega’s ontvangt Ludi een beeldje. Een kleine gebogen figuur, niet af, in een onderbroken of gebroken beweging, een zoeken naar houvast. 

Het ligt niet vast: het wijst naar gisteren, vandaag en morgen.

Kwetsbaarheid als een continuüm in de beweging van het leven.

De tijd staat even stil vandaag, maar Ludi gaat verder, eenvoudig vastberaden verder stappend. Ze heeft teveel gezien wat ze niet naast zich neer kan leggen.

Ze sluit de dag af met dank aan wie haar dierbaar is, ze weet wat ze achter zich laat en dankbaar afrondt maar vooral ook waar ze naar uitkijkt. 

Ook de vrouw die de zorg voor haar kinderen bij afwezigheid op zich nam wordt letterlijk in de bloemen gezet zodat ze met een gerust gevoel haar werk kon doen. 

Samenwerken wordt deel van haar opdracht in vele vormen. Ze heeft geleerd dat eenmaal in beweging de beweging nooit meer stilvalt en zich in steeds andere vormen herhaalt, zoals op de tonen van muziek de melodie zich ontvouwt.

Voor Ludi zijn het de tonen van een lied dat psychose heet, de rijke veelvoud van de geest die bedding zoekt, als oevers lijken door te breken.

Het voelt als een roep, een zegen en zoveel wat niet in woorden maar in dans zijn voleinding vindt.

Een flamenco voor het leven, in dienst van anderen.

Dankbaar en genegen,

Huguette Beyens

ten Huize Poustinia.

En enkele mijmeringen van Marc Calmeyn bij het afscheidswoord van Ludi van Bouwel

Ludi, whispering words of wisdom

‘Mijn  afscheidswoord kan dan ook niet anders dan een dankwoord zijn.

Bij jou is dit vanuit je hart geschreven en geen uiting van algemeenheid, een zogenaamde ‘dooddoener’.
Je oprechte verwondering en ook wel bewondering voor alle personen en omstandigheden op je levensweg die je geholpen, verholpen, gedragen, verdragen, hebben beschrijf je   l e v e n d i g . Wat je niet schreef, want begrijpelijk, is hoeveel dankbaarheid en leven jij, ja, jij hebt kunnen brengen, overbrengen en voortbrengen. Je engagement om mensen – ondanks maar ook dankzij – terug leven te geven, zelfs letterlijk. Je bent er bescheiden over, maar de vruchten zijn merkbaar. 

Nu ben ik even persoonlijk: in de talrijke ontmoetingen met jou herkende ik dit niet, maar nu door dit te schrijven wordt dit me duidelijk: je dankbaarheid is ook mijn dankbaarheid naar jou. Omdat je steeds verbinding hebt nagestreefd. Omdat zoals Jaakko Seikkula ergens schrijft: dialogue gives life – het zou je levensmotto kunnen zijn. Omdat, en vooral dat, je menselijk bent gebleven. En nog zo vele ‘omdat’.

‘Ik heb me nooit een expert gevonden (…) Ik voelde me eerder een zoeker (…).

Yes. Let it be …

Marc Calmeyn

Dr. Ludi van Bouwel en Dr. Jan De Lepeleire gingen onlangs met pensioen

Een mooi interview met hen vind je hier